|
|
Onderwerp (425-5):
Begroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030
Voorgesteld besluit:
De begroting 2027, inclusief de meerjarenraming 2028-2030,
vast te stellen.
Inleiding
Met de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028-2030 legt
het college de financiële en beleidsmatige basis voor de
komende jaren aan de raad voor. Het uitgangspunt voor deze
versie is een beleidsarme begroting.
De begroting bevat daarom geen afzonderlijke financiële
verwerking van de aanvullende wensen uit het
coalitieakkoord. De inhoudelijke ambities uit het
coalitieakkoord blijven daarmee wel op de bestuurlijke
agenda, maar worden niet vooruitlopend op het gesprek met de
raad financieel vastgelegd.
Ons college heeft kennisgenomen van de financiële paragraaf
bij het coalitieakkoord, die de fracties van VVD Waterland,
CDA Waterland en WaterlandNatuurlijk recent hebben
gepresenteerd. Daarin wordt per onderwerp concreet
aangegeven welke middelen beschikbaar zouden moeten worden
gesteld. We hebben begrepen dat genoemde fracties, mede met
inbreng van de fracties van PRO en D66, op een later moment
komen met een concrete vertaling hiervan in de gemeentelijke
begroting. De uitkomst daarvan kan door middel van een nota
van wijzigingen worden verwerkt in een gewijzigde begroting
die ter vaststelling aan uw raad wordt aangeboden.
Van beleidsarme begroting naar gezamenlijke afweging
De gekozen werkwijze bestaat uit drie stappen:
●
Het
college biedt een beleidsarme begroting aan waarin de
financiële uitgangspositie helder en controleerbaar is.
●
Gemeenteraadsfracties
voeren het politieke gesprek over wensen, prioriteiten en
mogelijke ombuigingen.
●
De
financieel en uitvoeringstechnisch beoordeelde uitkomst
wordt via een nota van wijzigingen verwerkt in de begroting.
Deze fasering voorkomt dat voorlopige politieke keuzes al
als vastgesteld beleid in de begroting worden gepresenteerd
en geeft de gehele raad ruimte om invloed uit te oefenen op
de uiteindelijke financiële afweging.
Ruimte voor het gesprek met de raad
Met de beleidsarme begroting kiest het college bewust voor
een open vertrekpunt. De raad krijgt daarmee inzicht in de
financiële basis zonder dat de financiële vertaling van het
coalitieakkoord al is voorgesorteerd. Dit ondersteunt het
gesprek tussen gemeenteraadsfracties over welke wensen in
gezamenlijkheid kunnen worden gerealiseerd en welke keuzes
daarvoor nodig zijn.
Het college neemt de inhoudelijke ambities uit het
coalitieakkoord serieus en blijft verantwoordelijk voor een
zorgvuldige toets op haalbaarheid, rechtmatigheid,
financiële dekking, capaciteit en uitvoerbaarheid. De
politieke afweging over de aanvullende wensen vindt plaats
binnen het raadsproces. De technische verwerking volgt nadat
de voorstellen voldoende concreet zijn.
De nota van wijzigingen vormt daarmee de formele brug tussen
het politieke gesprek en de uiteindelijk vast te stellen
begroting. In de nota wordt inzichtelijk gemaakt welke
wijzigingen worden voorgesteld, wat de meerjarige financiële
gevolgen zijn, welke effecten optreden voor de formatie en
welke dekking wordt ingezet.
Argumenten
1. De begroting biedt een zuiver financieel vertrekpunt.
Door de aanvullende punten uit het coalitieakkoord niet
vooraf te verwerken, kan de raad de financiële
uitgangssituatie beoordelen voordat nieuwe politieke keuzes
worden toegevoegd.
2. De werkwijze biedt ruimte voor een gezamenlijk politiek
gesprek. Gemeeneteraadsfracties kunnen de komende periode
gezamenlijk afwegen welke wensen prioriteit krijgen en welke
ombuigingen aanvaardbaar zijn.
3. Wijzigingen worden integraal en controleerbaar verwerkt.
De nota van wijzigingen maakt de financiële, formatieve en
uitvoeringsgevolgen van de verwerking van het
coalitieakkoord zichtbaar en voorkomt dat losse wijzigingen
zonder integrale toets in de begroting terechtkomen.
4. Het college bewaakt de uitvoerbaarheid en het structurele
evenwicht. Voorstellen worden getoetst op realiteitswaarde,
dekking, personele gevolgen en de eisen van financieel
toezicht voordat deze in de gewijzigde begroting worden
verwerkt.
Kanttekeningen
1. De verwerking van het coalitieakkoord en de eventuele
ombuigingen zijn bij aanbieding van deze begroting nog niet
definitief. De financiële effecten daarvan maken daarom nog
geen onderdeel uit van dit voorstel.
2. Aanpassingen van de formatie vragen naast een financiële
verwerking ook een beoordeling van arbeidsrechtelijke,
organisatorische en uitvoeringstechnische gevolgen. Deze
gevolgen moeten in de nota van wijzigingen herkenbaar worden
gemaakt.
3. De tijd tussen het beschikbaar komen van de verwerking
van het coalitieakkoord in de nota van wijzigingen en de
behandeling in de raad is beperkt. Dit vraagt om tijdige en
volledige aanlevering van voorstellen, zodat de financiële
en personele gevolgen zorgvuldig kunnen worden verwerkt en
getoetst. Ook is medewerking van alle betrokkenen nodig om
deze werkwijze vruchtbaar te laten verlopen.
Financiële toelichting
Naast de wettelijk voorgeschreven solvabiliteitsratio
volgens het BBV wordt op verzoek van de coalitie in
paragraaf B van de begroting afzonderlijk de gecorrigeerde
solvabiliteitsratio opgenomen. Deze ratio heeft als doel om
een beter inzicht te krijgen in de werkelijk vrij
besteedbare reserves. Deze ratio wordt
berekend als: (eigen vermogen minus alle bestemmingsreserves
minus algemene reserve surplus) gedeeld door het totaal van
de passiva. De noemer wordt niet gecorrigeerd. De
gecorrigeerde solvabiliteitsratio bedroeg op 31 december
2025 21,1%. In het coalitieakkoord 2026-2030 is afgesproken
dat dit percentage toegroeit richting 30%. De ratio wordt
buiten de tabel met de wettelijk voorgeschreven kengetallen
toegelicht.
Conform de begrotingscirculaire wordt in het raadsvoorstel
inzicht gegeven in de opbouw van het structurele
begrotingssaldo. De tabel wordt in de gewijzigde versie van
de begroting aangesloten op de nota van wijzigingen. |
|