|
|
Kennisnemen van (208-193)
De voortgang en genomen stappen naar aanleiding van het
hoogwater 2023.
Inleiding
De wateroverlast in december 2023 en januari 2024 heeft in
de regio, waaronder ook onze gemeente de kwetsbaarheid bij
(dreigend) hoogwater zichtbaar gemaakt. Dat er rond de
jaarwisseling sprake was van hoogwater kwam door een
combinatie van drie factoren: veel neerslag in het najaar,
hoge mate van
afvoeren vanuit rivier- en beeksystemen en een aanhoudende
harde wind uit een voor de waterafvoer ongunstige hoek. De
situatie die heeft plaatsgevonden vormt aanleiding om de
aanpak op het gebied van waterveiligheid te versterken.
Sindsdien zijn verschillende stappen gezet, gericht op het
verbeteren van de voorbereiding, samenwerking en beheersing
van hoogwatersituaties. Hierbij is gekeken naar
communicatielijnen, het aanscherpen van de alarmeringsketen
en crisisbeheersing en andere structurele maatregelen (zowel
binnen als buiten onze gemeente). Ook zijn aanvullende
inzichten verkregen uit onafhankelijk onderzoek, die
bijdragen aan een beter onderbouwde en toekomstbestendige
aanpak.
Dit raadsinformatiedocument is een samenvatting van de
stappen die sinds de wateroverlast van 2023-2024 zijn gezet.
In de volgende hoofdstukken wordt dit nader thematisch
uitgewerkt.
Samenvatting
Wat hebben we gedaan?
Op
23 januari 2024 heeft uw gemeenteraad RID 254-42
ontvangen. In dit document is het feitenrelaas opgenomen van
de situatie eind 2023 en begin 2024, aangevuld met afspraken
en aandachtspunten die richting geven aan het handelen in
een eventuele toekomstige crisissituatie. Daarnaast zijn
hierin enkele
mogelijke keuzes voor de lange termijn geschetst.
Tijdens de raadsvergadering van
1 februari 2024 is motie
254-44 aangenomen. Met deze motie heeft uw raad het college
verzocht om bij de minister van Infrastructuur en Waterstaat
aan te dringen op een onafhankelijk onderzoek naar het
ontstaan van de hoge waterstanden in het IJsselmeer, het
Markermeer
en de Gouwzee, met in het bijzonder aandacht voor de rol van
Rijkswaterstaat. Naar aanleiding hiervan is een
onafhankelijk
onderzoek uitgevoerd door adviesbureau
Berenschot. Tevens heeft Rijkswaterstaat een nadere
toelichting gegeven op de werking van het watersysteem en de
gemaakte keuzes daarin; deze presentatie is als bijlage
toegevoegd aan RID 254-45.
In het verlengde hiervan zijn ook op operationeel en
voorbereidend niveau stappen gezet. Zo organiseert
Rijkswaterstaat bij aanvang van het stormseizoen een
bijeenkomst met bestuurders van diverse gemeenten en
waterschappen die gelegen zijn aan het Markermeer waarin de
gemaakte afspraken
worden herbevestigd en de actuele situatie wordt besproken.
Daarnaast is door de Veiligheidsregio Zaanstreek Waterland
het calamiteitenplan voor Marken geactualiseerd, zodat beter
kan worden ingespeeld op (dreigende) hoogwatersituaties. Tot
slot is hoogwater nadrukkelijk gepositioneerd als relevant
risico binnen het regionaal risicoprofiel 2025–2028 van de
Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland. Hiermee is het
onderwerp verankerd in de regionale crisisbeheersing en
voorbereiding.
Structurele maatregelen
6 nieuwe pompen in het gemaal Afsluitdijk
Door een te lage capaciteit van de spuipompen en een hoge
waterstand in het IJsselmeer was het niet mogelijk om tijdig
het water weg te pompen. Rijkswaterstaat heeft 6 nieuwe
pompen geplaatst in de Afsluitdijk, de werkzaamheden zullen
naar verwachting eind 2026 afgrond zijn. Elke pomp is bijna
12 m
hoog, heeft een doorsnede van 4,60 m en weegt 90 ton. Samen
kunnen de 6 pompen op vol vermogen maar liefst 275.000 l
water per seconde uit het IJsselmeer afvoeren. Ter
vergelijking: deze pompen vullen een Olympisch
wedstrijdzwembad in 9 seconden. Dankzij dit indrukwekkende
pompvermogen kan het gemaal bij extreme weersomstandigheden
voldoende overtollig water de Waddenzee in pompen. Meer
informatie hierover:
https://www.rijkswaterstaat.nl/nieuws/archief/2024/05/6-nieuwe-megapompen-in-de-afsluitdijk-voorbereid-op-extreem-hoogwater
Grondwal Hemmeland
Oorspronkelijk had het Hemmeland een grondwal die liep van
de kop van het Hemmeland tot aan de Waterlandse Zeedijk (ter
hoogte van het Mirror Paviljoen).
Door autonome bodemdaling had deze grondwal niet meer de
gewenste hoogte om te voorzien in een bepaalde mate van
bescherming voor hoogwater. Om die reden is besloten de
bestaande grondwal te verbeteren en op hoogte te brengen.
Daarbij kon zogenaamd werk met werk gemaakt worden en is de
vrijkomende grond vanuit project Gouwhaven gebruikt om de
grondwal te verbeteren op het Hemmeland. De hoogte van de
grondwal is bepaald aan de hand van historische informatie
in de combinatie met maximale waterstanden welke gemeten
zijn ten tijde van hoogwater situaties. Daarbij is de
grondwal aangebracht met overhoogte, zodat er na inklinking
nog steeds sprake is van een gewenste hoogte. Op termijn
wordt de grondwal beoordeeld op hoogte en zal indien nodig
onderhoud plaatsvinden.
Keten van alarmering
Veiligheids Informatie Knooppunt
De afdeling Openbare Orde en Veiligheid ontvangt wekelijks
vanuit het
Veiligheids Informatie Knooppunt (VIK) van de
Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland een integraal en
actueel overzicht van de situatie binnen de regio op
verschillende relevante thema’s. Dit overzicht biedt inzicht
in ontwikkelingen die van
invloed kunnen zijn op de openbare orde, veiligheid en
continuïteit van dienstverlening.
Hierbij kan onder meer worden gedacht aan een bundeling van
recente nieuwsberichten, informatie over geplande en actuele
wegafsluitingen en infrastructurele werkzaamheden, evenals
weersvoorspellingen en eventuele waarschuwingen. Door deze
structurele informatievoorziening is de gemeente in staat om
tijdig signalen op te vangen, ontwikkelingen te duiden en
waar nodig proactief te handelen of voorbereidende
maatregelen te treffen. Als het VIK daarbij signalen oppikt
die specifiek relevant zijn voor een individuele gemeente,
nemen zij actief contact op met de afdeling Openbare Orde en
Veiligheid van de desbetreffende gemeente om deze informatie
te duiden en, indien nodig, gezamenlijk vervolgacties af te
stemmen.
Het VIK staat ook in contact met het
Watermanagementcentrum
Nederland (WMCN). Indien het beeld ontstaat bij het VIK dat
er mogelijk dreiging voor hoogwater rond/op Marken ontstaat,
wordt door een team van crisisfunctionarissen vanuit de VrZW
een analyse uitgevoerd (crisisdiagnose). Dit team bepaalt
welke/of nadere acties nodig zijn. Als een crisisdiagnose is
uitgevoerd worden in ieder geval de gemeente Waterland en de
postcoördinator van brandweerpost Marken geïnformeerd.
Coördinatieplan Waterveiligheid Marken
De wijzigingen
Het geactualiseerde Coördinatieplan Waterveiligheid Marken
voor Marken is ten opzichte van de versie uit 2016 verder
uitgewerkt en geprofessionaliseerd. De basis van het plan is
gelijk gebleven, maar het nieuwe plan bevat nadruk op
flexibele opschaling, betere en continue monitoring (onder
andere
via het VIK), en
een concretere uitwerking van samenwerking en
informatie-uitwisseling tussen betrokken partijen. Ook zijn
scenario’s realistischer en uitgebreider beschreven, met
meer aandacht voor onzekerheden, langdurige inzet en
effecten op vitale infrastructuur. Daarnaast is er meer
focus op zelfredzaamheid van bewoners en de praktische
uitvoering op het eiland, zoals evacuatie en inzet van
lokale vrijwilligers. Het plan is geactualiseerd naar de
huidige situatie, inclusief de lopende dijkversterking en
toekomstige ontwikkelingen.
Samenvatting van het plan
Het plan beschrijft hoe betrokken organisaties gezamenlijk
optreden bij een (dreigende) overstroming van Marken. Het
plan richt zich nadrukkelijk op de crisisbeheersing: niet
het voorkomen van een overstroming, maar het beperken van de
gevolgen wanneer zich een dreiging of calamiteit voordoet.
Het doel van het plan is om ervoor te zorgen dat alle
betrokken partijen goed voorbereid zijn en effectief
samenwerken. Daarbij wordt vastgelegd wie welke rol en
verantwoordelijkheid heeft, hoe de besluitvorming
plaatsvindt en op welke manier informatie wordt gedeeld. Het
plan sluit aan op al bestaande crisisstructuren en vormt een
aanvulling op het regionaal crisisplan. Tegelijkertijd biedt
het richting aan de zelfredzaamheid van inwoners, door
inzicht te geven in wat bewoners zelf kunnen doen in geval
van een dreigende overstroming.
In het plan worden verschillende overstromingsscenario’s
uitgewerkt, zoals een dijkdoorbraak door storm, hevige
golfoverslag of langdurig hoog water. Per scenario wordt
inzicht gegeven in het mogelijke verloop van de situatie, de
beschikbare tijd en de noodzakelijke maatregelen, zoals
evacuatie, inzet van
hulpdiensten en herstelwerkzaamheden. Omdat vooraf niet
exact te voorspellen is waar en wanneer een dijk zal falen,
is flexibiliteit en opschaling een belangrijk uitgangspunt.
De samenwerking tussen partijen zoals de veiligheidsregio,
Rijkswaterstaat, het waterschap, de gemeente en lokale
hulporganisaties vormt een kernonderdeel van het plan.
Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de waterbeheerders,
die verantwoordelijk zijn voor de waterkering en het
watersysteem,
en de veiligheidsregio, die de coördinatie verzorgt van de
algemene hulpverlening en crisisbestrijding. Afstemming
vindt plaats binnen de bestaande crisisstructuren, waarbij
informatie continu wordt gedeeld en geactualiseerd.
Daarnaast besteedt het plan veel aandacht aan de praktische
uitvoering op het eiland zelf. Zo is een lokaal
coördinatiepunt ingericht op de Kerkbuurt, dat fungeert als
schakel tussen de hulpdiensten en de lokale gemeenschap.
Vanuit dit punt worden onder andere evacuatie, opvang en
inzet van vrijwilligers
georganiseerd. Ook zijn er specifieke afspraken gemaakt over
bereikbaarheid, evacuatie via de verbindingsweg of over
water, en het waarborgen van de inzet van hulpdiensten onder
moeilijke omstandigheden.
Samengevat vormt het coördinatieplan een praktisch en
operationeel kader voor het gezamenlijk optreden bij een
overstromingsdreiging op Marken, met als doel de veiligheid
van inwoners te waarborgen en de impact van een mogelijke
ramp zo veel mogelijk te beperken.
Waar zijn we mee bezig?
Crisisbeheersing
Binnen de gemeentelijke organisatie is de interne
projectgroep Weerbare Samenleving actief. In deze
projectgroep komen verschillende opgaven samen die raken aan
veiligheid, continuïteit van dienstverlening en
crisisbeheersing. Door deze integrale benadering ontstaat
ruimte om verbanden te leggen
tussen beleid, uitvoering en organisatie, en om gezamenlijke
uitgangspunten te formuleren voor het handelen in
(dreigende) crisissituaties. Een belangrijk onderwerp binnen
deze projectgroep is de gemeentelijke crisisorganisatie. In
dat kader wordt momenteel gewerkt aan het opstellen van een
gemeentelijk crisisplan. Het plan richt zich nadrukkelijk op
de fase voorafgaand aan formele opschaling volgens de
GRIP-structuur, ook wel aangeduid als de ‘lauwe fase’. Juist
in deze fase is er vaak sprake van toenemende dreiging of
onzekerheid, zonder dat direct sprake is van een formele
crisis.
Het crisisplan richt zich met name op de fase voorafgaand
aan een formele opschaling volgens de GRIPstructuur, de
zogenoemde ‘lauwe fase’. Dit is de periode waarin signalen
van mogelijke verstoringen zich aandienen en de situatie
zich nog ontwikkelt, maar waarin nog geen sprake is van een
formeel opgeschaalde
crisisorganisatie. Juist deze fase kenmerkt zich vaak door
onzekerheid, beperkte informatie en de noodzaak tot het
maken van tijdige afwegingen. In de praktijk blijkt dat in
deze fase behoefte bestaat aan richting en houvast, zonder
dat direct zware structuren worden opgetuigd. Om hierin te
voorzien, wordt het crisisplan opgezet als een generieke
procedure. Dit betekent dat niet wordt gewerkt met
afzonderlijke, uitgewerkte scenario’s voor specifieke
gebeurtenissen zoals hoogwater, storm of stroomuitval. In
plaats daarvan wordt gekozen voor een overkoepelende
werkwijze die toepasbaar is op verschillende typen
incidenten. Deze benadering maakt het mogelijk om flexibel
in te spelen op uiteenlopende situaties en voorkomt dat voor
ieder denkbaar scenario aparte draaiboeken nodig zijn.
Tegelijkertijd zorgt het voor herkenbaarheid en
eenduidigheid in het handelen van de organisatie.
De ervaringen uit de periode 2023–2024 vormen een basis voor
deze ontwikkeling. In verschillende situaties is toen
gebleken dat met name in de ‘lauwe fase’ onduidelijkheid kan
ontstaan over wie welke rol vervult, welke
verantwoordelijkheden daarbij horen en op welk moment
verdere opschaling aan de orde is. Deze onduidelijkheid kan
leiden tot vertraging, versnippering in de aanpak of
onzekerheid bij betrokken medewerkers.
Door in het crisisplan vooraf heldere afspraken vast te
leggen over rollen, verantwoordelijkheden, werkwijzen en
beslismomenten, wordt beoogd om deze knelpunten te
ondervangen. Het plan moet bijdragen aan meer structuur en
samenhang in het handelen van de organisatie, juist in de
vroege fase
van een (dreigende) crisis. Daarmee biedt het betrokken
functionarissen meer handelingsperspectief en ondersteunt
het een tijdige en gecoördineerde aanpak.
Tot slot
Met de hierboven geschetste maatregelen, inzichten en
lopende ontwikkelingen wordt stapsgewijs gewerkt aan een
robuustere en beter voorbereide organisatie op het gebied
van hoogwater en andere crisissituaties. Hoewel niet alle
risico’s volledig kunnen worden uitgesloten, is met de
versterking van
samenwerking, informatievoorziening en interne processen een
belangrijke basis gelegd voor tijdig en adequaat handelen.
De komende periode blijft de inzet gericht op verdere
uitwerking, borging en toetsing van deze aanpak, zodat de
gemeente ook in de toekomst weerbaar blijft.
|
|